Patrick Janssens, deus ex machina?
Voormalig burgemeester Patrick Janssens komt opeens op de proppen als de nieuwste ‘deus ex machina’ van Vooruit, de Antwerpse sociaaldemocraten. Hij presenteert zich bij deze terugkeer als degene die zal kunnen zorgen voor een meer evenwichtige aanpak door het stadsbestuur, onder meer op het vlak van patrimoniumbeheer, sociale huisvesting en democratische rechten. Het verleden van deze belofteling biedt helaas weinig ankerpunten om daar veel geloof aan te hechten.
Analyse
To be true, zijn analyse van een deel van de Antwerpse werkelijkheid is niet slecht. Ergo, zij is quasi identiek aan delen van de analyse van het actiecomité ‘Stop Uitverkoop Antwerpen’, zoals uiteengezet in een nog te verschijnen memorandum, dat werd opgesteld twee weken voor Janssens zijn inzichten toevertrouwde aan de media. Het lijkt er zelfs op dat Janssens onderdelen van deze analyse gewoon... overneemt. Tegelijk blijven de door hem voorgestelde remedies voor de vastgestelde problemen bijzonder vaag.
Wat is (samengevat, op basis van een interview in de krant De Standaard) de inhoud van zijn analyse, zowel als van de potentiële remedies?
Te machtige projectontwikkelaars
Vertrekkend vanuit de vaststelling dat het aandeel aan sociale woningen in grote bouwprojecten door het stadsbestuur naar beneden wordt gehaald, wijt Patrick Janssens dit (terecht) aan het feit dat “projectontwikkelaars in Antwerpen véél te machtig zijn geworden.” Daartegenover stelt Patrick Janssens dat “de politiek het kader moet vastleggen, de regie in handen moet nemen en vervolgens ontwikkelaars moet zoeken die die plannen uitvoeren.” Dat klinkt mooi. Maar… eigenlijk is dit exact wat er nu ook al gebeurt. De zwakke schakel in deze redenering is dan ook precies… de politiek. Het actiecomité ‘Stop Uitverkoop Antwerpen’ stelt daar tegenover o.a. dat het stadsbestuur zélf dient te investeren in plaats van verder te ‘vermarkten’, door het stedelijk patrimonium in eigen beheer te renoveren, met behoud van de huidige, sociaal en/of cultureel nuttige functie ervan. Patrick Janssens rept daar met geen woord over. Ook een moratorium op het uitverkopen en/of uitbesteden van stadseigendommen komt niet in hem op. Evenmin spreekt hij zich uit over de wenselijkheid van het bouwen van (veel meer) sociale woningen. Terwijl er in Antwerpen nochtans 40.000 mensen op de wachtlijst staan voor zulke sociale woning en er tegelijk bijna 3.500 daklozen ronddolen in Antwerpen, waarvan een derde vrouwen.
Stadsambtenaren
Wel wijst Patrick Janssens op “een autoritaire stijl”, waar “een einde aan gemaakt moet worden.” Ook betreurt hij de “zelfcensuur van topambtenaren”, en hekelt hij het negeren door het stadsbestuur van negatieve adviezen van de diensten van diezelfde topambtenaren. Tegelijk echter stelt hij niet in vraag dat het huidige stadsbestuur – mét Vooruit erin! – principieel beslist heeft het statuut van de stadsambtenaren af te schaffen. Voor de meeste mensen is dit wellicht een eerder ondoorzichtige kwestie, waarvan zij het belang niet echt kunnen inschatten. Eigenlijk zorgt het statuut van ambtenaren (de zogenaamde ‘vaste benoeming’) ervoor dat die ambtenaren zich onafhankelijk kunnen opstellen tegenover de (vaak wisselende) politieke overheid. Dat is dan ook de werkelijke oorzaak van de ‘zelfcensuur der (top)ambtenaren’. Zij zijn niet meer ‘vastbenoemd’ en kunnen dus makkelijk ontslagen worden, als hun houding de politieke overheid niet aanstaat. Je zou dan ook denken dat een verstandig man als Patrick Janssens dat ambtenarenstatuut terug zou willen invoeren. Daar is echter… geen sprake van. Dat is ook niet verwonderlijk, want toen Patrick Janssens zelf nog burgemeester was, wijzigde hij quasi eenzijdig de arbeidstijdsregeling van de stadsambtenaren: compensaties voor overuren werden ingeperkt en de betaalde middagpauze (bekend onder het motto ‘eten is dienst’) werd afgeschaft. In de praktijk verlengde Patrick Janssens daarmee de arbeidsduur. Waardoor hij de steun van tal van ambtenaren verloor. Wat uiteindelijk bijdroeg aan het verlies van zijn burgemeesterssjerp.
DNA
Naar eigen zeggen wil Patrick Janssens – als hij verkozen wordt én als Vooruit deel kan uitmaken van een nieuwe coalitie – “een verschil maken op het vlak van stadsontwikkeling en bestuursstijl.” Het probleem is dat hij daarmee botst op de N-VA, waarvan hij zelf denkt dat autoritarisme, wantrouwen in de eigen ambtenaren, nauwe banden met projectontwikkelaars en sociale hardvochtigheid “behoren tot het DNA van die partij.”
Nieuwe monstercoalitie
Je zou dan ook denken dat Patrick Janssens gecharmeerd zou kunnen zijn door de potentiële mogelijkheid van een progressieve meerderheidscoalitie na de komende gemeenteraadsverkiezingen (gezien de uitslag van de laatste parlementsverkiezingen de PVDA kroonde tot tweede partij van ‘t Stad is dat geen onmogelijke droom meer). Dat is echter niet het geval. Ergo: Patrick Janssens zegt dat “je alle partijen zal nodig hebben om een coalitie te vormen zonder PVDA en VB.” Patrick Janssens mikt dus op een nieuwe monstercoalitie, waarin de N-VA – met haar autoritaire en sociaal hardvochtige DNA! – opnieuw de grootste en dus ook dominante kracht zou zijn. Het is een volstrekt raadsel hoe in die context de bestuursstijl zou kunnen veranderen, hoe dikwijls Patrick Janssens ook mag beweren dat “we niet in de houding moeten springen als de N-VA dat vraagt.”
Teleurstelling
In de wedijver met Filip Dewinter om het burgemeesterschap hebben zeer veel Antwerpenaren destijds Patrick Janssens het voordeel van de twijfel gegeven. Ze stemden massaal voor hem, in de hoop dat hij niet alleen de fascisten van de macht zou houden, maar ook hun voedingsbodem zou wegnemen. Een zeer groot deel van deze kiezers werden enorm teleurgesteld door de politiek, die Patrick Janssens uiteindelijk (na zijn verkiezing) voerde. Enkele voorbeelden.
‘Voor wat hoort wat’
Van autoritarisme en sociale hardvochtigheid kent Patrick Janssens zelf ook wel wat. Tijdens zijn burgemeesterschap lag hij als hoofd van de politie mee aan de basis van een ‘Plan Veilig’, waarmee via huisbezoeken in de praktijk mensen zonder papieren werden geviseerd en opgespoord. Het ‘flinkse’ lik-op-stuk-beleid en het stigmatiseren van de vermeende ‘profiteurs’ in de zogenaamde ‘hangmat’ van de welvaartsstaat werden door hemzelf naar voor geschoven in zijn boekje ‘Voor Wat Hoort Wat’. Als het huidige stadsbestuur de toewijzing van een sociale woning voorwaardelijk én tijdelijk maakte, dan is dat eigenlijk slechts de doortrekking van wat hij zelf eerder bepleitte. Nu zeggen dat je “de mensen moet verleiden, eerder dan hen te verplichten”, klinkt mooi. Maar alweer hangt dit af van de machtspositie van de grootste partij in de volgende bestuurscoalitie.
Hoofddoekverbod
Vandaag betreurt Patrick Janssens dat hijzelf het dragen van een hoofddoek door vrouwelijke stadsambtenaren heeft verboden. Het gaat hem daarbij vooral om de methode: een expliciet verbod of een... impliciet. Eigenlijk is hij vandaag voorstander van de aanpak van de federale overheid. Die heeft (tot nu toe) geen formeel verbod op hoofddoekdracht uitgevaardigd. Maar ze past het in de praktijk wel toe – sotto voce, zoals de Italianen zeggen. Enkel een herziening qua stijl dus: het expliciete opleggen van het hoofddoekverbod wordt ‘betreurd’. Voor hem is het verder een zaak uit het verleden. Alleen is het al te makkelijk om deze stigmatiserende en vrouwonvriendelijke maatregel zonder meer te bedekken (sic!) met de mantel der liefde. De keuze tot herbevestiging of afschaffing van dit hoofddoekverbod blijft zich dan ook opdringen. Een tussenpositie of compromis lijkt onmogelijk. Met dank aan... het opgelegde verbod door de toenmalige burgemeester, Patrick Janssens.
Antifascisme?
Toen het Vlaams Blok nog de grootste partij was in de Scheldestad, organiseerde zij op een keer een manifestatie op de Grote Markt, om hun (loze) overwinning te vieren. In reactie daarop organiseerden antifascisten in allerijl een contra-manifestatie. De politie hield de twee groepen op de Grote Markt uit elkaar. Patrick Janssens keek toe vanuit een venster op het Schoon Verdiep. Het kwam in de verste verte niet bij hem op om de antifascisten een hart onder de riem te steken. Misprijzend merkte hij enkel op “De ‘derby’ is bezig…” Voor hem is politiek iets voor machthebbers; gewone mensen nemen daar niet aan deel en horen die macht enkel te ondergaan.
‘Antwerpen is van A’
Na de moordende racistische raid van Hans van Themse, waarbij twee doden en een zwaargewonde vielen, riepen tal van organisaties op tot een massabetoging tegen racisme. Voor het eerst sinds lang vonden talrijke organisaties en verenigingen elkaar, over alle etnisch-culturele grenzen heen. Deze keer vond Patrick Janssens het wel de moeite om daarin mee te gaan. Hoewel. De betoging moest volgens hem geen ‘anti-karakter’ hebben, maar diende ‘verbinding’ uit te stralen. Daarom veranderde hij eigenhandig de ordewoorden van deze betoging. Het expliciete antiracisme werd door de slogan ‘Antwerpen is van A’ volstrekt ontzenuwd. Als gevolg daarvan voelden niet weinig organisaties uit de Afrikaanse, Marokkaanse en Turkse gemeenschappen zich misbruikt. De gezochte ‘verbinding’ bleef daardoor helaas een lege doos.
Autonome gemeentelijke bedrijven
Tijdens het burgemeesterschap van Patrick Janssens werden de stadsdiensten gereorganiseerd. Zij werden omgevormd tot autonome gemeentelijke bedrijven. Aan het hoofd van elk van die bedrijven (of agentschappen) kwam een manager te staan. Elk ‘agentschap’ kreeg een eigen budget toebedeeld, waarmee de manager het moest doen. Werd het budget overschreden, dan diende de manager zelf in te staan voor de nodige besparingen. Langzaam maar zeker veranderde daardoor de doelstelling van verschillende agentschappen. Rentabiliteit kreeg steeds meer voorrang op dienstverlening. Het is deze omvorming die mee verantwoordelijk is voor de eerder passieve houding tegenover projectontwikkelaars door pakweg AG Vespa – het agentschap dat bevoegd is voor de omgang met stadspatrimonium. Niets wijst er vandaag op dat Patrick Janssens ook maar iets wil wijzigen aan deze agentschappen, zodat er teruggekeerd kan worden naar de werkelijk doelstelling van een openbare dienst: dienstverlening.
Opportunisme
Patrick Janssens was en is geen progressief, noch een socialistisch boegbeeld. Patrick Janssens is een opportunistisch politicus. Zoals elke reclamemens zoekt hij enkel naar een verandering van stijl, niet van inhoud. Hij doet nauwelijks concrete voorstellen, betuigt wel spijt over eerdere beslissingen, zonder echter te garanderen dat hij ze zal terugschroeven. Hij zal na de verkiezingen eender welk zogenaamd 'compromis' aanvaarden en uitvoeren, als... hij en zijn partij maar mag deelnemen aan de macht. Hij blijft daarmee vastzitten in de neoliberale ‘pensée unique’.
Tegen ‘de extremen’
Een potentiële progressieve meerderheid (met PVDA, Groen en – eventueel – CD&V) komt niet eens voor in zijn gedachten. Integendeel: hij mikt op een schepenambt onder, niet tegenover, Bart De Wever (er moet helaas worden bij gezegd dat Bogdan Vanden Berghe, de lijsttrekker van Groen, precies hetzelfde doet). Maar Patrick Janssens gaat nog verder: hij polste voor zijn terugkeer eerst naar toestemming (!) van De Wever. Nochtans een tegenstander in de komende kiescampagne. Waarmee zijn oproep om “een einde te maken aan de autoritaire bestuursstijl” meteen wel heel erg hol klinkt. Zijn campagne zal dan ook niet zozeer gericht worden tegen de autoritaire en sociaal hardvochtige politiek van de N-VA, maar wel tegen... ‘de extremen’. Waarmee hij PVDA en VB over dezelfde kam scheert. Het tegenovergestelde dus van een werkelijk progressieve of socialistische politiek: de macht veroveren (alleen of met anderen) om een andere, sociale en democratische politiek door te voeren.
Verloren stem
Het bestaande en beschamende neoliberale ‘beleid’ moet niet ‘evenwichtiger’ of ‘stijlvoller’ worden gemaakt, het moet worden... weggestemd! Patrick Janssens heeft niet de minste intentie om dat te doen. Een stem voor hem is daarmee voor progressieve of linkse Antwerpenaren werkelijk een verloren en zelfs een contraproductieve stem.
Electorale opstand
Laten we hopen dat deze aanpak met een ‘deus ex machina’ door de kiezers beantwoord wordt met een massale ‘machina de dei’, een electorale opstand, voor een progressieve, linkse meerderheid, die haar expliciet sociaal en democratisch programma ook daadwerkelijk en onverkort zal uitvoeren!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten